Het is Vastenavond 1441. De Blauwe Schuit rijdt door de Brugse straten. Aan boord Pieter Scaephooft, de zoon van een wever, die gedood werd tijdens de Brugse Opstand. Aan de kant van de weg Anselm Adornes, de oudste zoon van een belangrijke notabele die toen de kant van hertog Filips koos. Ineens krijgt Pieter Anselm in het oog. Hij roept hem iets toe. Iets dat alleen Anselm begrijpt.
Het is het vreemde begin van een vriendschap waarbij de beide jongens het vijftiende eeuwse Brugge leren begrijpen en bekijk…





