Een zaak voor inspecteur Maritz.
In nauwelijks een seconde gaat er veel door Wilfred heen. Flarden van verhalen die hij van leerlingen heeft gehoord en waarschuwingen van collega’s die veel langer dan hij op De Boei werken. De blanke jongen zet een stap vooruit, terwijl hij met zijn wapen zwaait. Iets wat Wilfred terug laat deinzen.
‘Kom maar op.’ De stem van de tiener is zo zacht dat
Alexander Maritz ontvangt dreigbrieven en hij is niet de enige. Zonder dat de inspecteur daarom vraagt, besluit zijn team aandacht aan het probleem te schenken. Terwijl het onderzoek vordert, blijkt dat de mensen achter de mysterieuze boodschappen niet terugdeinzen voor grof geweld. Dan wordt Maritz voor een onmogelijke keuze gesteld.





